De verschillende universiteiten krijgen hun deel van de 1e geldstroom (niet-geoormerkt-geld) op basis van onderwijs- en onderzoekscriteria via een verhouding 40:60. In de tabel hieronder zijn de factoren weergegeven hoe dit verdeeld wordt. Opvallend is dat hier weinig tot geen kwaliteitscriteria inzitten.
Lees verder...